|
Eliza was here bracht ons afgelopen week naar het Griekse eiland Karpathos. Ik had er nog nooit van gehoord, laat staan dat ik wist dat ons eigen Transavia er rechtstreeks op vloog. We moesten wel midden in de nacht vanuit Zeeland richting Schiphol om daar om half zeven de lucht in te gaan. De Boeing bracht ons in drie uur en twintig minuten van Amsterdam naar Karpathos. Op Schiphol was het zo ’s morgens vroeg nog relatief rustig. We hebben wel kilometers (verkeerd) gelopen voordat we de juiste incheckbalie hadden gevonden in vertrekhal een. Daar was de eerste rij om de koffers in te leveren en dat moesten we ook nog zelf doen in de ‘kofferinleverautomaat’. Koffer op de weegschaal zetten, boardingpas scannen, label pakken en zelf om de koffer aanbrengen, klep sluiten en weg is de koffer. Op naar security. Daar was de volgende rij, maar we waren snel aan de beurt. Alles op de band in de bak, maar horloge en de broekriem mochten deze keer om blijven en de iPads in de tas! Dan door de scanner. Even drie seconden stilstaan met de armen gespreid en klaar. Het is toch elke keer weer anders. Geen douanecontrole want we blijven binnen de Schengenzone. Wat een enorm contrast als je aankomt op het vliegveld van Karpathos. Het voormalige Schiphol-Oost was er nog modern bij. Groot voordeel slecht stwee vliegtuigen op het bordes en vanuit het toestel met de bus naar de aankomsthal, waar de koffers al direct op de band binnenkwamen. Binnen de korts mogelijke tijd stonden we in de volle Griekse zon, 25 graden en een stevige warme wind. Jammer, dat we in de rij moesten staan bij het autoverhuurbedrijf, maar na een klein half uur reden we in een gloednieuwe Citroen C3 richting ons verblijf in Amopi. De laatste kilometer rijden over een onverharde weg, maar het is de moeite waard, want we worden verrast met een prachtig villa voor ons weekje verblijf op Karpathos. Strak en modern ingericht. Twee slaapkamers, badkamers en toiletten, een mooi deels overkapt terras en een eigen zwembad. Er wordt elke dag, behalve op zondag, schoongemaakt. Wat een luxe, zeg.We zijn helemaal in onze nopjes. We worden hartelijk ontvangen door onze gastheren Panagiolis en Yiannis en hondje Aros. Eerst maar even de koffers uitpakken en relaxen, want we waren om twee uur vanochtend als op de been en onderweg naar Schiphol. ’s Avonds gaan we op pad naar een restaurant Calypso All Day in Amoopi. Buiten op het terras genieten van een Griekse maaltijd en dan slapen. Slapen, ontbijten, zonnen, zwemmen, uit eten, rijden naar bezienswaardigheden, vooral dorpjes. Aperi, Olympos, Dramountana, Menetes, Finiki, Piles, Othos, Lefkos en natuurlijk de hoofdstad Pigadia. Op dag twee gaan we op weg naar die hoofdstad. Google stuurde ons, naar seaside restaurant Yiakos, door kleine steegjes waarvan de laatste doodliep en op twee voetgangerstrappen uitkwam. Op de vierkante meter moest er gekeerd worden, wat spannend was, maar vooral onze passagier op de achterbank kneep ‘m wel even. Yiakos lag aan het strand en we zaten op het terras aan de balustrade direct aan het strand met zicht op zee. Na het eten gaan we de stad in en lopen door de winkelstraat met veel kleding-, sieraden- en souvenirwinkeltjes en heel veel restaurants. We worden aangesproken door een ‘inhaler’ van restaurant Grande. Helaas hebben we al gegeten en dus blijft het bij een praatje. Hij kent Nederland en was al eens in Amsterdam, Rotterdam, Breda en…. Goes! Op de laatste dag gaan we alsnog bij hem eten en dat was voortreffelijk. Hierperdepiep hoera want Pammetje is jarig en dat vieren wij. De vlaggetjesslinger hangt en de cadeaus delen we bij het ontbijt. We zijn wat vroeger opgestaan want we willen naar Olympos in het noorden van het eiland en anderhalf uur rijden. Dat was een trip van slechts 47 km, maar je kan niet harder rijden dan 30 tot 40 km per uur want het is op Karpathos bergje op een bergje af en alleen maar bochten. We hebben ze niet geteld, maar voor mijn gevoel waren het er zeker 10.000, naar links en dan weer naar rechts. Olympos is leuk om te zien en wat te drinken, zoals koffie met kadaifi. Op de terugweg doen we Dramountana aan op zoek naar de sleutel van het kerkje bij restaurant Dramountana, waar we gelijk de maaltijd gebruiken, zoals macarounes, de specialiteit van Karpathos. Bij het uitzicht ontdekte ik, met een beetje fantasie, een dinosaurus in de uitlopers van de bergen in zee. Binnenkort Naturalis bellen? We nemen een duik in zee en dat is heerlijk verkoelend. Later die week doen we de westkust aan en in Finiki gaan we voor koffie met apple crumble pie bij het Malibou Beach Café. Bij Lefkos nemen we opnieuw een duik in zee. Waar kom ik niet meer aan toe in deze column: alle poesjes die we hebben gezien, de bruine jurk die niet werd gekocht, het trieste verhaal van de vermoorde Koen Everink (oprichter van Eliza was here), de terugvlucht met een Middelburgse stewardess, de meloen van 7 kg, de flinke wind, het mooie weer, de vergezichten. Het was een heerlijke week. |